Sosabowski     Virtuti  Orzel
commemorating the history of the family
General Stanisław Sosabowski

Generaal-Majoor Stanisław Franciszek Sosabowski (1892-1967)

Door Bartlomiej Marcinkowski, Jan Krzeminski en Stanisław Sosabowski III

Generaal Stanisław Franciszek Sosabowski, een van de meest bekende soldaten in de recente Poolse militaire geschiedenis, werd geboren op 8 mei 1892 in Stanislawow, een stad die toen in Oostenrijk-Hongarije en heden ten dage in de Oekraïne ligt. In deze stad groeide hij op en volgde hij onderwijs op de basisschool en later op het Gymnasium. De vroege dood van zijn vader in 1904 bracht hem verantwoordelijkheden die aan zijn leeftijdsgenoten onbekend waren. Stanisław nam een deel van de zorg voor het gezin op zich. Hij gaf bijles aan leeftijdsgenoten om zijn moeder Francisca financieel bij te staan. Haar bescheiden loon was niet voldoende om het gezin met vier kinderen te onderhouden.

In 1910 studeerde hij cum laude af aan het Gymnasium. In dezelfde tijd raakte hij betrokken bij Pools patriottistische activiteiten. Hij was lid van het Scherpschutters Legioen van de scouts en bewoog zich in het Genootschap van Poolse Jongeren, een organisatie met als doel het samenbrengen van jonge academici en middelbare scholieren. In 1910 werd in Stanislawow de kiem gelegd voor het ontstaan van de Armia Polska [het Poolse leger]. Commandant werd vaandrigscout Stanisław Sosabowski, pseudoniem: ‘Weglarz’ [kolenhandelaar]. In datzelfde jaar vertrok Sosabowski naar Krakau om deel te nemen aan een bijeenkomst van Poolse Onafhankelijke Jongeren, ‘Zarzewie’ genaamd. Er waren feestelijkheden in verband met de onthulling van een monument dat de Slag bij Grunwald memoreerde. Hij was er getuige van hoe Poolse vertegenwoordigers uit de drie door Rusland, Pruisen en Oostenrijk-Hongarije sinds eind 18e eeuw geannexeerde Poolse gebieden, de slag bij Grunwald herdachten en de Poolse overwinning op de Teutoonse ridders uit 1410 vierden. Hij merkte hoe vrijheidslievend en sterk de Poolse nationale geest was.

Sosabowski geloofde dat de toekomst aan de jonge Polen behoorde. Zij waren het die het lot van hun vaderland in handen hadden. Kort daarna begon Sosabowski met de studie aan de Hogere Handelsschool te Krakau. Hij nam deel aan activiteiten die aanstuurden op Poolse onafhankelijkheid. Realiseert u zich dat Polen op dat moment niet op de Europese landkaart voorkwam. In het Oostenrijke deel van Polen was er, in verhouding tot het Pruisische en Russische deel van Polen, meer vrijheid. In oktober 1911 organiseerde Sosabowski in Stanislawow een groep scouts onder het mom van een trainingskamp. In 1912 keerde hij uit Krakau terug naar Stanislawow waar hij commandant werd van het XXIV Scherpschutters Legioen van de scouts. Bij deze benoeming ontving hij van zijn vrienden ter herinnering een sabel. Hij droeg deze bij zich tot het einde van zijn militaire loopbaan.

Tot 1913 was hij commandant van de scouts. Maar na een conflict met het districtbestuur van de organisatie van Jonge Polen ‘Sokol’, samen waarmee hij de groep scouts had opgericht, besloot hij tot aftreden. De beslissing van Stanisław leidde tot onvrede bij de scouts in zijn groep en had tot gevolg dat velen ook wensten op te stappen. Sosabowski vroeg hen te blijven. De reden was dat anders de scoutinggroep uiteen zou vallen. Sosabowski achtte het voortbestaan van de groep belangrijker dan de persoonlijke motieven! Later in zijn carrière zou zich in Engeland eenzelfde situatie voordoen. Men gaf gehoor aan zijn verzoek. Met als gevolg dat het Scherpschutters Legioen van de scouts als groep bleef bestaan en in enkele jaren flink in groeide. Sosabowski zou later nog vaak refereren aan deze tijd als een periode van sterke ontwikkeling van Poolse patriottische opvattingen.

In 1913 werd Stanisław Sosabowski opgeroepen voor dienstplicht in het 58ste Keizerlijk & Koninklijk infanterieregiment van Oostenrijk-Hongarije. In 1914 werd hij naar het Russische front gestuurd. Zijn vuurdoop was bij de stad Przemysl. Aan het front kreeg hij te maken met het dagelijkse soldatenleven: honger, kou en ontberingen. Deze tijd vormde zijn visie op militair leiderschap, een visie die in zijn hele diensttijd richtinggevend zou blijven. Hij was er van overtuigd dat een bevelhebber nooit meer van zijn ondergeschikten dient te eisen dan van zichzelf en dat een commandant een order eerst aan zichzelf dient voor te leggen.

Op 15 juni 1915, aan de rivier de Lesna, raakte Sosabowski door granaatscherven gewond aan zijn rechterknie. Hij kwam in het ziekenhuis te Lublin. Door deze verwonding kon hij zijn knie enkele jaren niet gebruiken. In 1917 trouwde Stanisław Sosabowski met Maria Tokarska. In datzelfde jaar werd hun zoon Stanisław Janusz geboren. Sosabowski had toen de rang van Sergeant I in het Oostenrijkse leger. Hij was meerdere malen gedecoreerd voor moed en dapperheid. Hij had niet de vereiste opleiding tot Oostenrijks reserve officier doorlopen. Toch werd hij op basis van zijn conduitestaat en zijn eerder behaalde diploma van scouting officier bevorderd tot Onderluitenant in het Oostenrijkse leger. In 1918 werd hij bevorderd tot Luitenant. Hij kwam in contact met veel Polen die dienst deden in het Oostenrijkse leger. Alsook met leden van de Poolse Militaire Organisatie onder bevel van de (toen nog) Majoor Seweryn Burhardt-Bukacki.

Na de eerste wereldoorlog werd Polen onafhankelijk. Op 1 November 1918 ging Sosabowski in dienst bij het Poolse Leger. Hij kreeg de positie van Hoofd van de Reorganisatie Commissie van het voormalige Generale Gouvernement in de provincie Lublin. Op 15 november werd hij bevorderd tot Kapitein. Kort daarop werd Kapitein Sosabowski overgeplaatst naar het Ministerie van Defensie. Hij was daar werkzaam op het Hoofdbureau van Reorganisatie en verantwoordelijk voor de planning van de strategische reserves. Op 9 november 1920 werd hij bevorderd tot Majoor.

Tijdens de Pools – Russische oorlog van 1919-1920, vocht hij niet aan het front, ondanks dat hij zich voor frontdienst aanmeldde bij de Poolse Raad van Landsverdediging. Minister van Defensie Kazimierz Sosnkowski schreef in een brief van 28 april 1921 dat Sosabowski niet mocht dienen aan het Russische front. Er was een tekort aan competente officieren bij de Poolse Generale Staf. De verdiensten van Sosabowski bij de Staf, zo stelde Sosnkowski, waren gelijkwaardig aan de verdiensten van een officier aan het front.

Op 28 oktober 1922 werd Sosabowski toegelaten tot de Hogere Militaire Academie. In een beoordeling van de gouverneur van de Academie, Generaal Aurelius von Serda-Teodorski gaf deze aan dat Majoor Sosabowski onder de juiste begeleiding een uitstekend opperofficier zou zijn. Ook interessant is de opmerking van de Franse Kolonel Louis Faury, docent aan de Hogere Militaire Academie. Deze beschreef Sosabowski als een goed officier met een nuchtere denkwijze, temperamentvol, vlijtig, en met uitstekende militaire kwaliteiten. Als verbeterpunt voor Sosabowski noemde Kolonel Faury zijn neiging tot vragen stellen en discussie. Maar dit zou volgens Faury onder goede begeleiding alleen maar positief zijn. Het lijkt dat beide meningen duiden op de moeite die Sosabowski had bij de acceptatie van de stijl van sommige militaire commandanten. Dit vind mede zijn oorzaak in de hoge eisen die hij zichzelf stelde. Eisen die hij stelde aan ondergeschikten en andere commandanten, ook aan zijn superieuren.

Na de beëindiging van zijn opleiding aan de Hogere Militaire Academie keerde Majoor Sosabowski terug naar de Staf van het Poolse Leger. In maart 1928 werd hij bevorderd tot Luitenant-kolonel. In datzelfde jaar begon zijn dienst bij de parate eenheden. In het begin voerde hij het bevel over het 75ste Infanterieregiment in Chorzow. Om snel daarna het bevel over te nemen van het regiment in Rybnik. Hier begon het beeld te ontstaan van de strenge bevelhebber.

Bij het begin van zijn dienst als plaatsvervangend commandant van het 3e regiment Bergjagers van Podhale in Bielsko-Biala stond hij al bekend als een streng officier. Zijn superieur in die tijd was Generaal Tadeusz Kutrzeba die in een beoordeling over Sosabowski schreef: ”Een officier die over een brede militaire kennis beschikt. Vooral op het gebied van efficiëntie en economie met betrekking tot de landsverdediging. Een temperamentvol en besluitvaardig man. Een man van hoge intelligentie; hij werkt snel en efficiënt. Niet gemakkelijk in de omgang. Ondergeschiktheid veroorzaakt bij hem soms moeilijkheden. Hij houdt van zelfstandigheid en verantwoordelijkheid. Is zeer nauwgezet en economisch in materiele en financiële zaken. Gezond en sportief, een voortreffelijk officier.”

Het Hoofd van de Generale Staf, Generaal Waclaw Stachiewicz, vertrouwde in 1936 de leiding over het 9e Regiment Infanterie gelegerd in Zamosc, toe aan Sosabowski. In Zamosc heeft Luitenant-kolonel Sosabowski zijn eenheid met succes geleid. Helaas was dit ook de plaats van persoonlijke drama’s. In 1938 raakte zijn oudste zoon Stanisław Janusz, een veelbelovend sportman en medisch student, tijdens het zomerkamp van de onderofficiersschool door een ongelukkige duik in ondiep water ernstig gewond. In de herfst van dat jaar overleed zijn jongere zoon Jacek, leerling van het Gymnasium te Zamosc, aan de gevolgen van een tragisch ongeval. Deze gebeurtenissen veroorzaakten een psychische inzinking bij Sosabowski en hij vroeg om overplaatsing. Minister van Defensie Generaal Tadeusz Kasprzycki besloot Sosabowski naar Warschau over te plaatsen. Begin 1939 kreeg de hij het commando over het 21ste Infanterieregiment Dzieci Warszawy [Kinderen van Warschau].

Toen op 1 september 1939 de tweede wereldoorlog uitbrak, waren Sosabowski en zijn Infanterieregiment buiten Warschau. Meteen trokken zij terug naar de hoofdstad waar zij vanaf 7 september tot aan de overgave de stad tegen de Duitse Wehrmacht verdedigden. Voor zijn verdiensten in de strijd om Warschau ontving Sosabowski het erekruis Virtuti Militari 5e klasse. Nadat in oktober 1939 het Poolse leger volledig door Nazi-Duitsland en Sovjet-Rusland verslagen was, meldde hij zich samen met zijn zoon als krijgsgevangene. Enkele dagen later besloten zij echter samen uit het kamp te vluchten. Zijn zoon sloot zich aan bij het Poolse verzet en zou in 1944 als majoor-arts deelnemen aan de Opstand van Warschau en daarbij blind raken.

In november 1939 heeft Sosabowski contact opgenomen met Generaal Stefan Rowecki-Grot, de bevelhebber van de Dienst voor de Poolse Strijd [Sluzba Zwyciestwu Polski]. Rowecki-Grot zou in 1944 door de Duitsers in Sachsenhausen worden geëxecuteerd. Op bevel van Rowecki-Grot trok Sosabowski naar Lwow om daar het verzet te hervatten. Op 21 november heeft Sosabowski Warschau verlaten. Zijn gezin moest hij achterlaten. Stanisław Sosabowski zou Warschau nooit en te nimmer meer terugzien. In Lwow constateerde hij dat de strijd hervatten onmogelijk was. Daarop is hij naar Hongarije gegaan. In Budapest kreeg hij orders om naar Parijs te vertrekken. Op 22 december 1939 meldde hij zich in Parijs bij Generaal Wladyslaw Sikorski, Pools Eerste Minister en Chef van de Generale Staf. Sosabowski was een van de eerste hogere officieren die uit het door Duitsland en Rusland bezette Polen in Parijs aankwam. Tijdens een enkele uren durend gesprek rapporteerde hij aan Sikorski over de situatie in Polen en over de organisatie van de Poolse militaire ondergrondse. Hij werd benoemd tot plaatsvervangend commandant van de in Frankrijk nieuwgevormde 4e Poolse Infanteriedivisie onder leiding van Generaal Rudolf Dreszer.

Door de veelvuldige afwezigheid van Dreszer was Sosabowski feitelijk bevelhebber van de divisie. Na de strijd in mei 1940 en de capitulatie van Frankrijk organiseerde hij de evacuatie naar Engeland van grote delen van het Poolse Leger. Op 21 juni 1940 kwam Sosabowski in Engeland aan. Daar vormde hij de 2e Poolse Fuseliersbrigade. Enige tijd later werd deze Brigade echter opgeheven. Met als gevolg dat honderden Poolse soldaten zonder toewijzing aan een eenheid achterbleven. Sosabowski heeft met deze soldaten de 4e Poolse Kaderbrigade Fuseliers gevormd, met de standplaats Ellioc in het graafschap Dumfries. Het doel van de 4e Brigade was werving en militaire scholing van vrijwilligers van Poolse afkomst uit Canada en de VS. In oktober 1940 werd de Brigade naar het Schotse Five verplaatst om de Four of Fourth baai te verdedigen bij een eventuele Duitse invasie vanuit Noorwegen.

In deze tijd nam de Poolse Generale Staf het initiatief tot een parachutisten opleiding. Hierin was Sosabowski zeer geïnteresseerd. Hij stuurde zijn beste manschappen naar het Britse Parachutisten opleidingscentrum in Ringway. De brigade begon aan specialistische militaire skitraining, schietoefeningen en survival opleiding. Kolonel Sosabowski was zich bewust van het feit dat de oefeningen van zijn manschappen als hoofddoel de bevrijding van Polen hadden. De kolonel overwoog vanuit verschillende invalshoeken hoe het Poolse potentieel het beste benut zou kunnen worden bij de bevrijding van Polen. De snelste, maar tevens moeilijkste, manier om Poolse militaire eenheden in het vaderland te brengen was door middel van luchtlandingen.

Sosabowski meldde zich bij Generaal Sikorski, de Poolse Eerste Minister en opperbevelhebber van de strijdkrachten, met het verzoek tot het oprichten van een luchtlandingeenheid, de eerste in de Poolse militaire geschiedenis. Sikorski zag het nut van een para opleiding en gaf order om de 4e Kaderbrigade Fuseliers om te vormen tot een luchtlandingeenheid. De beslistheid en het doorzettingsvermogen van Sosabowski werden snel bekend, zowel bij het Poolse als bij het Britse leger. Het resultaat was dat er op 23 september 1941 begonnen werd met oefeningen te Kincraig in Schotland. Na afloop van deze oefeningen maakte Generaal Sikorski in een toespraak bekend dat vanaf dat moment de 4e Kaderbrigade Fuseliers de 1e Onafhankelijke Poolse Parachutistenbrigade was geworden, met als bestemming: de strijd voor Polen in Polen. Alle andere Poolse eenheden konden onder geallieerd bevel overal worden ingezet, de parachutisten zouden strijden op Pools grondgebied.

De beslissing van Sikorski tot oprichting van de Parachutistenbrigade had een positieve uitwerking. Er werd een werving van vrijwilligers toegestaan en de rekrutering begon. Bij de Brigade meldden zich veel soldaten met een stevig militair strafregister. Bevelhebbers van andere eenheden zagen zich op deze manier verlost van ‘moeilijke soldaten’. Sosabowski gaf deze soldaten zijn vertrouwen. Hij bood hen een nieuwe kans en een zeer harde militaire opleiding. Ook wiste hij hun militaire conduitestaat. Als de overtredingen zich niet herhaalden gaf hij hen een normale kans op bevordering. Het is een feit dat niemand hem teleurstelde. Iedereen greep zijn kans. Op 27 april werden er 300 manschappen aan de brigade toegevoegd. Verdere aanvullingen volgden in 1942 en 1943.

De Britten waren van mening dat de manier van leidinggeven door Sosabowski van doorslaggevende betekenis was voor de hoge militaire kwaliteit die de Brigade in korte tijd bereikte. Met name Generaal Frederick Browning, commandant van de Britse Parachutisten, raakte bijzonder in de Poolse para’s geïnteresseerd. De Britse interesse heeft later tot een drama geleid, vooral voor Sosabowski persoonlijk. In september 1942 keurde het Britse War Office de begroting van de Brigade goed. Die telde toen 180 officieren en 2.700 onderofficieren en manschappen. Generaal Browning had bijzondere waardering voor de Poolse parachutisten. Vanwege een ernstig gebrek aan manschappen bij de Britse Para’s werd het plan opgevat om de Polen onder Brits commando te plaatsen. Browning knoopte relaties aan met Sosabowski. Uitwisseling van militaire kennis en vooral ook waardering voor Sosabowski als officier resulteerden in september 1942 in het Britse voorstel om een Pools-Britse parachutisten divisie onder leiding van Sosabowski te vormen. Het accepteren van dit voorstel zou zondermeer een betere positie en een bevordering voor Sosabowski betekenen.

Voor de Britten zouden de hoog gemotiveerde Poolse parasoldaten en hun uitstekende bevelhebber een grote aanwinst zijn. Het zou echter een verandering van bestemming voor de Poolse para’s betekenen. Zij zouden niet meer primair beschikbaar zijn om hun eigen vaderland te bevrijden. Iets wat voor Sosabowski onaanvaardbaar was. Zijn loyaliteit lag bij Polen en bij Warschau. Omdat Sosabowski niet inging op het aanbod op Britse condities van de Engelse generaal, verslechterde de verhouding tussen Browning en Sosabowski. De lezer dient te bedenken dat Browning tot de Engelse upper-class behoorde en een beroepsofficier van de Guards was, met de visie en de attitude van een hoge militair van The British Empire. In zijn ogen was Sosabowski een Europeaan van de tweede rang die blij diende te zijn met wat hem geboden werd.

Op advies van Sosabowski weigerde Generaal Kazimierz Sosnkowski, toen Chef Staf van de Poolse strijdkrachten, in het najaar van 1943 om de 1e Onafhankelijke Parachutisten Brigade onder bevel van de Britten te plaatsen. Browning begreep dat Sosabowski zijn standpunt niet zou wijzigen. Hij zou nooit de instemming van de Polen krijgen voor een verandering van bestemming van de Brigade. Browning gaf zijn goede verstandshouding met de Polen op en verplaatste het dispuut naar Londen. Eerst werd de overeenkomst geannuleerd die tussen Sikorski en Sir Alan Broke was gesloten betreffende de inzet van de Brigade op Pools grondgebied. Daarna werden de militaire faciliteiten sterk verminderd. Plotseling bleken er geen vliegtuigen en ander hoogwaardig materieel meer voor de Polen beschikbaar. Vervolgens dreigden de Britten de Brigade te ontbinden en de manschappen in te lijven bij de Poolse pantserdivisie. Onder de toenemende druk kon de Poolse Chef Staf Generaal Sosnkowski niet anders dan toegeven. De Brigade kwam onder Brits bevel. Dit gebeurde op 6 juni 1944, de dag van de invasie in Normandië. Generaal Browning had zijn doel bereikt.

Dit was een wens die Browning sinds de oprichting van de Poolse Parachutistenbrigade had. De door de Britten gevoerde politiek stelde Sosabowski voor een groot dilemma. Met ontbinding van de Brigade dreigde de enorme inzet en alle operationele training van de Poolse parachutisten verloren te gaan. Met plaatsing onder Brits bevel kwam het primaire doel van Sosabowski en de Poolse regering in Londen om de Brigade in te zetten voor de bevrijding van Polen in gevaar.

De Britten hadden de Polen voorzien van de middelen tot oprichting van de Brigade. De Poolse Brigade trainde Noorse, Franse en andere geallieerde commando’s en geheim agenten in paratechnieken. Maar hun ultieme doel was de bevrijding van Polen. De Britten hadden echter elke soldaat nodig en in het bijzonder de parachutisten. Was de houding van Sosabowski niet naïef? Om deze vraag te kunnen beantwoorden moet men rekening houden met het feit dat Sosabowski een militair en geen politicus was. Zijn acties werden steeds afgestemd met zijn superieur Generaal Sosnkowski. Deze was vol begrip voor Sosabowski’s ideeën en visie. Sosabowski handelde altijd uit militair oogpunt en op een manier die rechtvaardig voor de aan hem toevertrouwde soldaten en eerlijk was. De ontwikkelingen in 1944 en 1945 laten zien dat de handelingen van andere Poolse bevelhebbers en leden van de Poolse regering in Londen ten aanzien van de bevrijding van Polen uiteindelijk geen resultaat hadden.

De leiding over een Pools-Britse parachutisten divisie zou de carrière van Sosabowski een grote stimulans geven, maar het zou de inzet van de Poolse Strijdkrachten [Polskie Sily Zbrojne] bij de bevrijding van Polen op het spel zetten. Ondanks de meedogenloze Duitse bezetting ging het leven in het bezette Polen door. Het Poolse volk rekende nog steeds op hulp van de Brigade tijdens de Opstand van Warschau. Inwoners van Warschau schonken aan de brigade een vaandel gemaakt uit het 19e eeuwse kazuifel van de Kardinaal van Warschau. Het vaandel werd via ondergrondse kanalen naar Engeland gebracht. Het kwam aan op 15 juni 1944, negen dagen nadat duidelijk was geworden dat de parachutisten onder leiding van Sosabowski Warschau niet zouden bevrijden. De dag van het overdragen van het vaandel werd Sosabowski bevorderd tot Generaal-Majoor. Zijn onderscheidingstekens werden door zijn manschappen aangeboden. Zij hadden deze van omgesmolten Engelse shillings gemaakt die zij als soldij hadden ontvangen. Dat was bijzonder, zeker indien men bedenkt dat hij bekend stond als een veeleisend officier. Sosabowski was geroerd door deze geste.

Zijn bevordering en de houding van zijn soldaten maakten de inlijving onder de Britten er niet zoeter op. Juni 1944 was een ongelukkige periode voor Sosabowski. Ondanks zijn bevordering was de belangrijkste onderneming uit zijn militaire loopbaan van de baan. De hele opzet die leidde tot de oprichting van de Brigade was haar te gebruiken voor de bevrijding van de Poolse republiek. De uitdrukking ‘Langs de kortste weg’ [Najkrotsza Droga] was in het moreel van de Brigade ingebakken. Om deze uitdrukking alleen al meldden zich Polen van veertig jaar en ouder. Zij droegen met overgave een harde discipline die zelfs voor jongere soldaten moeilijk was. Om zijn ideeën te kunnen realiseren negeerde Sosabowski zijn persoonlijke welzijn en offerde hij zijn militaire en persoonlijke toekomst op. Helaas stelden de Britten zijn Poolse vaderlandslievendheid niet op prijs.

Nadat duidelijk was geworden dat de geallieerden geen hulp zouden bieden tijdens de Opstand van Warschau zijn de Poolse parachutisten op 13 augustus 1944 in hongerstaking gegaan. Sosabowski heeft dit aan de Poolse opperbevelhebber gemeld. Hij probeerde op deze manier enige ruchtbaarheid aan de zaak te geven. Hij heeft niemand voor de acties disciplinair gestraft. Hij was zelfs solidair met zijn ondergeschikten. Het mocht allemaal niet baten. De Brigade bleef in Engeland terwijl in Warschau de Polen door de Duitsers werden afgeslacht. In het bijzonder de Waffen-SS trad op barbaarse wijze op. Warschau werd in de as gelegd. De Russen keken toe.

Begin september 1944 bereikte het 2e Britse leger en de daartoe behorende 1e Poolse Pantserdivisie onder Generaal Maczek het Albert kanaal en de Schelde in noord België. Het Britse leger viel onder Generaal Bernard Montgomery. De lange bevoorradingsweg vanaf Normandië zorgde voor een stilstand in de opmars van de geallieerde troepen. Montgomery vatte het plan op om via een grote luchtlandingsoperatie een doorbraak te forceren. Het zou het einde van de oorlog bespoedigen. Men was in de veronderstelling dat de Duitsers in Nederland niet over de juiste middelen beschikten en dat ze weinig tot geen weerstand zouden bieden. Daarom werd er besloten om met behulp van het luchtkorps het gebied dat de geallieerden scheidde van Arnhem te overbruggen. Aan de luchtlanding zou ondermeer de 1e Britse Parachutistendivisie en de nu operationeel aan deze divisie toegevoegde 1e Poolse Parachutistenbrigade deelnemen. Het zou de grootste luchtlanding in de militaire geschiedenis worden. En naar we nu weten het grootste fiasco van de westelijke geallieerden.

De begin september 1944 geplande operatie werd, mede als gevolg van terechte kritiek van Sosabowski, tot twee keer toe uitgesteld. Op 17 september, de herdenkingsdag van de Russische aanval op Polen, begon de operatie Market Garden. De Poolse para’s zouden op 21 september om 14.00 uur naar Arnhem vertrekken, een deel zou met de zware wapens landen in zweefvliegtuigen en de overigen zouden springen. Generaal Sosabowski zag af van de aangeboden overtocht in een zweefvliegtuig, hij zou springen met zijn soldaten. Samen met zijn para’s heeft hij in de rij gestaan voor de Dakota’s, zich houdend aan de bevelen van Luitenant Dyrda die de leiding over de sprong had. Sosabowski was toen 52 jaar, wat voor een parachutist een vergevorderde leeftijd is. Ondanks het feit dat Montgomery de operatie voor 90% geslaagd achtte, eindigde Operatie Market Garden in een groot verlies voor de geallieerden. De hoofdoorzaken van het fiasco waren: gebrek aan verkenning, negeren van meldingen van het Nederlandse verzet, niet werkende radio’s en bijgevolg slechte coördinatie van militaire operaties, en een ronduit slechte leiding van de Britse militaire top.

Ondanks de goede leiding van Sosabowski en het nodige geluk bleven de verliezen aan de kant van de Polen niet beperkt. De uitstekende training van de Poolse parachutisten en hun ongelofelijke strijdlust redde veel Bitse para’s het leven. Ruim 23% van de Polen werd gedood of raakte gewond. Er werden ongeveer 80 man door de Duitsers gevangengenomen van wie een meerderheid gewond was. Generaal Sosabowski ontving voor zijn verdiensten in de slag om Arnhem geen erkenning. Onder Britse druk verleende de Poolse regering in Londen hem in plaats van Virtuti Militari 4e klasse slechts het Dapperheidkruis. De Britse regering beloonde Generaal Robert Urquhart en Generaal Frederic Browning met het hoogste Britse onderscheidding, de Bath-Orde. Deze is door Koning George VI uitgereikt. Het was een eerste teken dat de Britten een zondebok zochten buiten hun eigen gelederen. Door de sterke kritiek van Amerikaanse zijde en ook in het Britse Parlement had Montgomery iemand nodig om de schuld van de mislukking van de operatie te geven. Dat zou Sosabowski worden.

Op 4 november 1944 kreeg Sosabowski order om zijn manschappen onder leiding van de bevelhebber van de Britse 1e Airbornedivisie te stellen. Het doel was versterking van de uitgedunde Britse paratroepen. Deze beslissing ontnam de Brigade haar laatste restje onafhankelijkheid. Dit was in strijd met alle eerder door de Britten gedane beloften. Als reactie richtte Sosabowski zich tot Generaal Stanisław Kopanski, Chef van de Poolse Generale Staf, met het verzoek tot interventie. Het resulteerde op 22 november in het intrekken van de order van 4 november. Tegen beter weten in bleef Sosabowski hopen op inzet van zijn Brigade in Polen. De onafhankelijkheid van de Poolse parachutisten bleef op papier behouden.

Het 1e Britse Luchtlandingsleger kampte na de enorme verliezen bij de slag om Arnhem met een groot tekort aan vrijwilligers. Dit resulteerde dan ook in feitelijke ontbinding van de 1e Airbornedivisie. Voor generaal Browning was het teveel. Weer was daar Sosabowski om zijn plannen te dwarsbomen. Het was de spreekwoordelijke druppel die de emmer deed overlopen. Generaal Browning besloot stappen te ondernemen om zich van de in zijn ogen koppige Poolse generaal te ontdoen. Op 20 november 1944 legde Browning een rapport voor aan Generaal Ronald Weeks, Deputy Chief Imperial General Staff van het Britse War Office. Het was een rapport vol verwijten aan het adres van de Poolse commandant. Zo meldde hij dat Sosabowski al in de opleidingsfase van de parachutisten niet in staat was gebleken zich als goed bevelhebber op te stellen. Ook verweet hij Sosabowski gebrek aan flexibiliteit en begrip voor de haast bij de uitvoering van de operatie Market Garden. Tijdens deze operatie zou Sosabowski zich, volgens Browning, bemoeien met de gang van zaken en zich onttrekken aan het gevecht. Dat laatste was gezien de hoge motivatie van de Polen om tegen de Duitsers te vechten een regelrechte gotspe. Ook negeerde Browning daarmee het feit dat Sosabowski op de dag dat de beslissing tot terugtrekking viel, nog met goede militaire argumenten gepleit had voor het doorzetten van de slag.

Desalniettemin verzocht Browning om een andere commandant van de Poolse Parabrigade. Hij suggereerde een jongere en meer flexibele officier. De verwijten van Browning moeten bestempeld worden als compleet absurd. Ten eerste stelde Browning vast dat Sosabowski al onbekwaam was als bevelhebber tijdens de opleiding van de parachutisten. Dit staat lijnrecht tegenover zijn aanbod van 1942 om Sosabowski aan het hoofd van de te vormen Pools-Britse Parachutistendivisie te stellen. Browning’s verwijt ten aanzien van de competentie van Sosabowski was volledig ongegrond. Ten tweede verwijt Generaal Browning Sosabowski gebrek aan inzet in de uitvoering van de operatie. Men moet inderdaad vaststellen dat Sosabowski geen voorstander was van een haastige voorbereiding. Dankzij zijn kritiek werd het eerste, naar wat zou blijken, volledig verkeerd voorbereide plan uitgesteld. Montgomery heeft later toegegeven dat juist de Britten grove fouten in de voorbereiding hadden gemaakt. Zij namen niet alle dreigingen en risico’s in acht.

Maar het rapport van Browning kwam Montgomery niet slecht uit. Het bood hem de kans zijn eigen straatje schoon te vegen. Dat een uitmuntend officier en vaderlandslievend militair als Sosabowski daarvan de dupe werd deerde Montgomery niet. De Britten maakten bij Market Garden kapitale fouten. Het noodzakelijke element van verrassing en snelheid is onvoldoende benut. Het verwijt van Browning inzake een negatieve uitwerking van de bemoeienissen van Sosabowski en het ontwijken van het gevecht door de Poolse Parachutisten kan men op eenvoudige manier weerleggen. De Britse battle reports wijzen uit dat de Poolse soldaten alle door de Britten opgedragen orders zorgvuldig en vaak voor meer dan vereist hebben uitgevoerd. Problemen bij het uitvoeren van de opdrachten tijdens Market Garden ontstonden door gebrek aan middelen, die de Britten zouden waarborgen. Sosabowski en zijn Poolse parachutisten hebben vele geallieerde levens gered. Poolse para’s dekten de aftocht van de Britten over de rivier. In deze context was het ‘vingerwijzen’ van Generaal Browning niet meer dan het zoeken naar een zondebok. Het was het een persoonlijke wraakactie aan het adres van de Poolse generaal. Een man die immers toch niet tot de selecte club van aan Eton en Sandhurst opgeleide Engelse hoge militairen behoorde.

Browning probeerde met zijn actie druk uit te oefenen op de Poolse opperbevel om in deze zaak een oplossing te forceren. Generaal Sosnkowski, de Chef van de Generale Staf die Sosabowski zou kunnen verdedigen, was er niet meer. Vanwege zijn kritiek op de geallieerden omdat deze in gebreke bleven de Opstand van Warschau te steunen en Polen meer en meer overlieten aan Sovjet-Rusland was Sosnkowski onder Britse druk uit zijn functie gezet. Op 2 december 1944 werd generaal Sosabowski verzocht zich te melden bij Chef Staf Generaal Stanisław Kopanski die de brief van Browning aan hem voorlegde. Kopanski verklaarde dat Sosabowski, ondanks de persoonlijke onrechtvaardigheden, van zijn positie zou moeten afzien.

Op 7 december gaf de Poolse president Raczkiewicz, tijdens een gesprek met Sosabowski aan, dat een weigering van de eisen van Browning zou leiden tot een crisis in de verhoudingen met de Britten. Hij beloofde de generaal een overplaatsing naar een geschikte positie. Ook beloofde hij, om de morele voldoening te waarborgen, een handgeschreven getuigschrift aan de generaal te richten. Hierin zou zijn militaire vakbekwaamheid en professionaliteit beschreven worden. Op 9 december 1944 heeft de President van de Republiek Polen, op advies van de Chef van de Generale Staf, Generaal Sosabowski uit zijn functie als commandant van de 1e Poolse Onafhankelijke Parachutistenbrigade ontheven. Hij benoemde de generaal tot inspecteur van de Guard and Staging Units. Dit was alles behalve de beloofde voldoening. Er was ook geen enkele wijze sprake van erkenning voor zijn inzet en dapper optreden in de Slag om Arnhem.

Generaal Sosabowski begon een strijd voor behoud van zijn goede naam. Hij verzocht om een onderzoek naar de kwestie en een onderzoek betreffende de Britse verwijten. Helaas, noch de Poolse Chef Staf, noch leden van de Poolse regering in Ballingschap hebben zich met de zaak willen bemoeien. Ondanks hun beloftes hebben zij niet de tijd of de wil getoond om zich in deze zaak te mengen. Andere zaken eisten hun aandacht. In januari 1945 werd immers het Lublin Comité als voorlopige Poolse regering door de Sovjet Unie geïnstalleerd in Warschau. En de Britten hadden al helemaal geen behoefte om hier een onderzoek aan te wijden. Sosabowski heeft nooit de verdiende erkenning voor zijn inzet in Arnhem gekregen. Op 25 december 1944 zijn de manschappen van Sosabowski in hongerstaking gegaan. Dit als protest tegen zijn ontslag als commandant van de Poolse Parachutistenbrigade. Sosabowski vroeg hen de actie te staken. Het zou zijn situatie toch niet veranderen. Op 27 december 1944 nam Sosabowski afscheid van zijn Parachutistenbrigade. Hij heeft zijn officieren de hand gedrukt, maar hij nam geen afscheid van het vaandel zoals dat in het Poolse leger door scheidende commandanten de traditie is. Daarmee gaf hij aan dat hij in de geest bij zijn soldaten bleef.

Na de oorlog besloot Sosabowski niet naar Polen terug te keren. Naar Sovjet voorbeeld ontnam de nieuwe regering in Warschau veel hoge Poolse militairen hun nationaliteit. In Londen wachtte hem zijn zoon Stanislaw, de majoor-arts die blind uit de Opstand van Warschau was gekomen. Een Opstand waar zijn vader de Generaal hem niet had kunnen helpen. In 1948 lukte het Sosabowski om zijn echtgenote en zijn twee kleinkinderen naar Engeland te laten overkomen. Aan het begin van zijn burger leven heeft Sosabowski geprobeerd een eigen firma op te richten. Hij heeft huizen gerenoveerd en had een stoffeerderij. Sterke concurrentie en het gebrek aan voldoende kapitaal zorgden ervoor dat hij zijn bescheiden ondernemerschap niet kon voortzetten. Op 5 december 1949 is hij als magazijnbediende gaan werken bij CAN, een fabriek van elektronische toestellen. Zijn salaris was zes Pond Sterling per week. Zeventien jaar lang was hij een eenvoudige arbeider. Hij bleef werken tot hij 75 was. Hij had geen enkel recht op pensioen. Hij had gevochten voor de vrijheid en hij bleef met lege handen achter.

Bij zijn afscheid van de fabriek ontving hij een bescheiden som en van zijn collega’s kreeg hij een gouden pen. Naast zijn werk was hij actief in de Poolse gemeenschap in Groot Brittannië. Hij was erelid van het Sikorski Genootschap. In 1969 is zijn privé-archief aan het Legermuseum te Warschau geschonken. In 1959 ging hij naar de VS op uitnodiging van het Parachutisten genootschap. Daar stelde hij voor een monument ter ere van de gesneuvelde Poolse parachutisten op te richten. In Chicago werd een comité ter oprichting van het monument gesticht. De fondsen werden verworven door schenkingen van parachutisten verspreid over de hele wereld. Op 19 september 1965 is in Warschau het monument ter ere van de gevallen Poolse parachutisten en Cichociemni onthuld.

Deze verdienen enige toelichting. De Cichociemni [Stil & Duister] waren de geheim agenten en commando’s die in Polen tijdens de tweede wereldoorlog werden gedropt. Net als de paratrainingen voor Noorse en Franse agenten en commando’s verzorgde de Brigade ook de trainingen van de Poolse geheim agenten. Voor de trainingen van de Franse commando’s heeft Generaal Charles de Gaulle in een persoonlijke brief zijn erkenning uitgesproken en Sosabowski bedankt. De traditie van de Cichociemni wordt heden in Polen voortgezet door de commando’s van GROM [Grupa Reagowania Operacyjno Mobilnego].

Behalve zijn werk in de fabriek had de generaal vele sociale verplichtingen. Hij stond op om 5:30 uur en kwam thuis van zijn werk om 18:00 uur. Toen hij in 1955 door het Parachutisten Genootschap gevraagd werd de geschiedenis van de Brigade te schrijven wist hij dat dit hem veel tijd zou kosten. Toch nam hij de opdracht aan en hij schreef met uiterste regelmaat. Minstens 2 uur per dag en natuurlijk ook in de weekenden. Het resultaat was dat in 1957 zijn eerste boek ‘Langs de kortste weg’ [Najkrotsza Droga] werd uitgegeven. Het boek werd goed ontvangen en de eerste oplage was snel uitverkocht. Veel exemplaren werden meegesmokkeld naar Polen. Sosabowski schreef zijn volgende boek ‘Freely I Served’ in het Engels. Het boek kwam in 1960 uit in een oplage van 30.000 exemplaren. Korte tijd later werd het boek in het Nederlands vertaald en uitgegeven onder de titel ‘Ik vocht voor de vrijheid’. Sosabowski bleef praktisch zijn hele leven schrijven. Hij had zijn schrijfkamer op de zolder van zijn eenvoudige woning in een arbeiderswijk van Londen.

Hier schreef hij ook zijn autobiografie: ‘De weg door het braakliggende land’ [Droga Wiodla Ugorem]. Toen hij op 75 jarige leeftijd stopte met werken, was hij net klaar met zijn laatste boek. Hij was bedroefd dat hij, op het einde van zijn leven, geen doel of perspectief meer had om te realiseren. Na het overlijden van zijn vrouw Maria bleef hij een tijdje alleen om later te hertrouwen met Krystyna die in 1972 overleed. Beide echtgenoten rusten naast hem in het familiegraf.

Op 25 september 1967 overleed Generaal-Majoor Stanisław Franciszek Sosabowski aan een hartkwaal in Londen. Op 14 oktober 1967 is hij met militaire eer begraven op de Militaire Begraafplaats Powazki te Warschau. Hij werd bijgezet in het familiegraf. Hij was ereburger van de Nederlandse gemeente Heteren en academisch laureaat van de Poolse Academie van Wetenschappen. In Polen dragen padvindersgroepen de naam van de generaal. Ook draagt sinds Polen weer een vrij land is het 6e Poolse Para Stormbataljon de naam Sosabowski. In 1988 werd Sosabowski postuum onderscheiden met het Commandeur Kruis van de Orde Polonia Restituta.

Vertaald uit het Pools door J. Blaszyk en B.J. Blaszyk, Biervliet. Nederland.


Back to index

 

Authors: Hal Sosabowski & Stan Sosabowski
Pictures of the Virtuti Militari and Orzel by kind permission of Prof. Z. Wesolowski. All other content copyright Sosabowski.com, all rights reserved.